Gedicht 4: De Dame


De dame urenlang monoloog en boos
De man leeggesproken en scheef
De kinderen schichtig
Als kromme konijnen

Elk woord zwart van onbegrip en mededogen
Taal als prut, als pap, als prak
De keuken op stelten en een vergeten sok
Is erger dan de dood

Er is slechts weinig nodig